De verkeersvergelijking van Fisher
en het beleid van de ECB 

Click here to edit subtitle

3. Het monetaire beleid van de ECB

Doel monetair beleid

Sinds 1999 is de Europse Centrale Bank verantwoordelijk voor het monetaire beleid in de EMU. Op de website van de ECB is veel informatie hierover te vinden.

Klik rechts op het logo van de ECB om naar de site te gaan en gebruik deze om de volgende opdrachten te maken.

De belangrijkste taak van de ECB is het handhaven van de koopkracht van de Euro en dus van prijsstabiliteit in het eurogebied.

vraag 1: Wat verstaat de ECB onder prijsstabiliteit?

vraag 2: Waarom heeft de ECB voor dit doel gekozen, oftewel wat zijn de voordelen van prijsstabiliteit voor de Europese economie? Leg er minimaal drie uit.


Instrumenten monetair beleid ECB

Er zijn drie monetaire beleidsinstrumenten waarmee het Eurosysteem de liquiditeitspositie van het bankwezen beïnvloedt en de rente stuurt. Als een bank meer geld in kas heeft dan werkelijk nodig, kan dit worden uitgeleend. Dit is geldschepping, met als gevolg een stijging van M. 

De drie beleidsinstrumenten zijn:

  • de open markttransacties
  • .......................................
  • .......................................
Het laatste instrument is het belangsrijkst voor de ECB, daarom wordt daar verder op ingegaan.
vraag 3: Wat zijn de andere twee monetaire beleidsinstrumenten?

De open markttransacties zijn transacties waarmee de ECB herfinanciering verstrekt (geld uitleent aan banken) om te kunnen voorzien in de behoefte aan geld, of waarmee overtollig geld bij de ECB gestald kan worden. Er zijn verschillende open markttransacties die kunnen worden onderverdeeld naar doel en frequentie:

  • Basis-herfinancieringstransacties Dit is de belangrijkste vorm van lening aan banken door wekelijkse wederinkoop met een looptijd van een week.
  • Langerlopende herfinancieringstransacties
    Hiermee kunnen kredietinstellingen maandelijks liquiditeiten verkrijgen voor een periode van in principe drie maanden.
  • Fine-tuning transacties
    Deze transacties geven de ECB de mogelijkheid om snel en effectief in te spelen op een onvoorziene toe- of afname van liquiditeiten op de geldmarkt, die kunnen leiden tot ongewenste veranderingen van de rente.
  • Structurele transacties
    Deze transacties worden uitgevoerd om de structurele liquiditeitspositie van de kredietinstellingen in het eurogebied te beïnvloeden.

De rentebesluiten tijdens de crisis
De belangrijkste manier om prijsstabiliteit te beïnvloeden is door het verhogen of verlagen van de rentetarieven van de ECB. Hierbij gaat het om het veranderen van de rente op kortlopende leningen (basis-herfinancieringsrente, ook wel refi-rente of repo-rente genoemd), die commerciële banken opnemen bij de centrale banken. Het besluit over de hoogte van de rente is gebaseerd op twee pijlers.

I De monetaire analyse: groei van de geldhoeveelheid
Dit is één van de belangrijkste aanwijzingen voor de ontwikkeling van de inflatie. Voor de geldgroei geldt een referentiewaarde van 4,5%. Afwijkingen hiervan kunnen aanleiding zijn voor de ECB om de rente aan te passen.

II De economische analyse: economische indicatoren

vraag 4: Beschrijf wat de economische analyse inhoudt.

Iedere maand wordt er door de ECB besloten wat er met de refi-rente moet gebeuren. Tijdens de crisis heeft de ECB geprobeerd deze te bestrijden door monetair beleid. Er zijn verschillende acties ondernomen.
vraag 5: Beschrijf de acties van de ECB op de crisis. Geef ook aan of als gevolg van dit beleid M is gestegen of gedaald.


vraag 6: De hoofddoelstelling van de ECB is prijsstabilisatie. Zoek gegevens over de inflatie in het eurogebied tijdens de crisisjaren. Dat kan onder andere op de site van het CBS (klik op het logo).

Is dit doel van prijsstabilisatie ook tijdens de crisis bereikt?


vraag 7: De inflatie in Nederland ligt de laatste tijd een stuk hoger dan het gemiddelde in de eurozone. Wat zijn daar de redenen van?


vraag 8:  Komen de gevonden gegevens overeen met de verwachte uitkomst volgens de verkeersvergelijking van Fisher? Zo niet, wat zal daar de reden van zijn? Onderbouw je antwoord.



Einde van de drie delen. 

Je hebt nu voldoende kennis en informatie om het werkstuk te schrijven.